Alphen a/d Rijn | Leidse Schouw 2, 2408 AE |
Barneveld | Koolhovenstraat 11, 3772 MT |
Geldermalsen | De Panoven 29A, 4191 GW |
Zwolle | Schrevenweg 3-9, 8024 HB |
header-image-5.jpg

Stappenplan verantwoording besteding werkdrukmiddelen

Stappenplan verantwoording besteding werkdrukmiddelen

Om de werkdruk te verlichten, hebben de sociale partners en het kabinet op 9 februari 2018 het zogenoemde werkdrukakkoord gesloten. Voor het schooljaar 2018-2019 heeft elke school hiervoor  een bedrag van € 155,55 per leerling ontvangen. Voor het schooljaar 2021-2022 kan dit bedrag oplopen tot circa € 285 per leerling. Het uitgangspunt van het werkdrukakkoord is dat het gesprek over werkdruk en mogelijke oplossingen binnen de school moet plaatsvinden. Daarom is afgesproken dat het gesprek over de inzet van de middelen met het team wordt gevoerd en dat de personeelsgeleding van de medezeggenschapsraad instemmingsrecht heeft ten aanzien van het bestedingsplan met betrekking tot de inzet van de middelen.

Tussenevaluatie
In het werkdrukakkoord is afgesproken dat er een tussenevaluatie plaatsvindt, voordat de bedragen van de werkdrukmiddelen verder worden verhoogd. In deze tussenevaluatie wordt gekeken of de beschikbare middelen zijn besteed aan een aanpak om werkdruk tegen te gaan, of het afgesproken proces is gevolgd en of de aanpak merkbaar effect heeft gehad. Het is verder belangrijk dat schoolteams zich tijdig beraden op de besteding van de werkdrukmiddelen in het schooljaar 2019-2020.

Verantwoording
Schoolbesturen moeten zich verantwoorden over de besteding van de werkdrukmiddelen. Zo moeten zij in het jaarverslag aangeven hoe de middelen zijn ingezet én of afgesproken werkwijze is gevolgd. Om u meer informatie te geven over de manier waarop uw school en/of uw bestuur zich moet verantwoorden, is een stappenplan opgesteld. De deadline voor de verantwoording van de inzet van de werkdrukmiddelen in het schooljaar 2018-2019 is 1 juli 2019. Meer informatie over het bestrijden van werkdruk vindt u op het Platform werkdruk PO.

Bron: www.rijksoverheid.nl

Ga terug